Maro-Spellen

De spelregels

DE MARO-PUZZEL

De negen kaartjes moeten zodanig aan elkaar worden gelegd, dat ze samen een vierkant vormen: 3 kaartenrijen horizontaal en 3 kaartenrijen vertikaal. Daarbij moeten de tekeningen alle aan elkaar passen. Veel plezier!

HET MARO-MEMORYSPEL
Voor alle leeftijden en 2 tot vele spelers

Leg alle kaarten met het plaatje naar beneden op tafel; naar verkiezing op nette rijen of door elkaar.
De eerste speler draait 2 kaarten open en legt ze op dezelfde plaats totdat iedereen ze gezien heeft. Als de plaatjes gelijk zijn, mag de speler ze innemen en nog eens spelen met 2 volgende kaarten. Net zo lang tot: Als de plaatjes verschillend zijn, worden de kaarten weer 'dicht'gelegd op dezelfde plaats en mag de volgende speler het proberen. Winnaar is degene, die – als alle kaarten op zijn – de meeste heeft verzameld. Voor heel kleine kinderen is het soms handig om eerst met slechts een gedeelte van de kaarten te spelen.

DEZE MARO SPELLEN EN PUZZELS ZIJN TE KOOP

MARO

Oorsprong
Een Maro is een met eeuwenoude motieven beschilderd stuk boombast. Vroeger werd boombastmateriaal gebruikt voor kleding. Tegenwoordig wordt boombast hoofdzakelijk gebruikt als 'verfdoek'. Maro is tussen de tweede wereldoorlog en 1980 bijna verdwenen. Sinds de jaren 1990 zijn we gelukkig weer getuige van een opleving van de Maro.

Materiaal
De bomen van de familie de Moraceeën, de moerbijen en de vijgen leveren geschikte bast. Het is een stevig, juten-achtig materiaal dat de bevolking produceert doormiddel van een langdurig proces van herhaaldelijk weken, voorzichtig uitkloppen en weer drogen van de binnenbast van de bomen. Na dit proces kan de boombast worden beschilderd. De meest gebruikte kleuren zijn zwart, wit en rood-bruin. Groen en geel komen minder voor. Voor alle kleuren gebruikt men natuurlijke pigmenten, zoals rode klei, gele klei, fijngestampte kalk van gebrande schelpen, roet, houtskool en plantensappen.

Betekenis
Af en toe maken de mensen zelf een ontwerp, bijna altijd zit er een verhaal achter of heeft het te maken met spirituele aspecten zoals voorvaderen, belangrijke geesten en symbolen. Ook vertellen de tekeningen over het dagelijks leven in het dorp en over de natuur. Er zijn verschillende motieven, zoals hieronder beschreven.

Maro-motieven
Uitgelegd door Augus Ongge

De motieven numer 1 en 2 zijn afkomstig van de PEPHUO-stam. Volgens overleveringen hebben hun voorouders, om precies te zijn de twee zogenaamde HOLODHONOYE-vrouwen deze motieven gebruikt op hun kleding van boombast. De oudste van de twee zou AYOKHOI geheten hebben, de jongste heette HEBEAIKHOI. AYOKHOI droeg de kleding van boombast met het IUGA-motief, terwijl haar zusje HEBEAIKHOI het HAKHAU-motief op haar kleding droeg. Dit soort motief heet FOUW. FOUW betekent spiraal, of ook wel vastbinden. Er bestaan verschillende soorten afbeeldingen met het FOUW-motief.

1. IUGA-motief

Dit motief geeft uitleg over de machtsverdeling binnen de familie/stam, en vertelt ook over het stamhoofd. Gewoonlijk wordt deze schildering gebruikt voor het eerste kind, gezien het erfrecht gewoonlijk naar dat kind gaat.



2. HAKHALU-motief

De naam HAKHALU is de benaming van een grot, die vroeger als woonplaats diende. De opbouw van dit motief is te zien aan de naar beneden draaiende spiraal. Dit symboliseert de nakomelingen, het vroegere, hedendaagse en toekomstige.



3. MANDALAU-motief

MANDALAU is een spel dat gespeeld wordt door twee meisjes van 10-12 jaar oud, met behulp van een stuk touw dat tussen de tien vingers wordt gespannen. Speelwijze: de één wikkelt/spant het stuk touw tussen de vingers (twee handen) en de ander neemt het over en wikkelt het om haar eigen vingers. Zo ontstaat steeds een andere figuur (bijvoorbeeld, haarnetje, schemerlamp, etc.). dit spel wordt vooral gespeeld tijdens de periode voor de ubi-oogst (ubi is een soort knol). De MANDALAU symboliseert de opbrengst van de tuin.


4. AYE MEHELE-motief=vogelpoot

Dit motief wordt gewoonlijk aangetroffen op een houten bord, een zogeheten OHOTE, de voorkant van een 'vrouwenprauw' (KHAI UGE) en de traditionele trommel, de zogenaamde TIFA (WAKHU). Dit motief betekent zegen in overvloed. Let wel, met zegen wordt hier 'vlees van wild' bedoeld: varkensvlees, hertenvlees, kangoeroe, kip en paling. Dit motief is te vinden op het eetgerei in het huis van het stamhoofd, de zogenaamde ONDOWAFI. In het plaatje links, zijn de uitsteeksels rechts en links de vogelpoten, en hiervan zijn verschillende varianten bekend.


5. KHAIKULUNG-motief=krokodil

Dit motief wordt uit hout gemaakt. Het dient als hanger waar de zogenaamde NOKKEN (=nettas) aan wordt opgehangen. Ook visnetten worden hier aan opgehangen. Dit motief jaagt veel mensen angst aan, omdat er magie mee bedreven wordt. Als er iemand de bestaande dorpstradities overtrad, dan werd de 'krokodil' gestuurd om de desbetreffende persoon zijn of haar verdiende loon te geven. Op de krokodil wordt ook gejaagd om zijn vlees. Echter de ONDWAFI-familie mag absoluut geen krokodillenvlees eten, daar de krokodil ook als 'beschermer' optreed voor deze familie.


6. INYAU

Er bestaan verschillende soorten hangers. Dit is er één die in de Sentani-taal 'INYAU' genoemd wordt. Deze houten hanger doet ook dienst om de netten aan op te hangen. Het motief of de hanger is het 'FOUW'motief.


7. FOUW-motief=spiraal/cirkel

Er bestaan verscheiden FOUW-afbeeldingen, maar ze hebben allen dezelfde betekenis. En wel het vertellen over het dorpsleven waarin het dorpshoofd/stamhoofd een zeer belangrijke rol speelt. Het leven in het dorp stelt men voor als een cirkel, waarin de dorpelingen/stamleden elkaar steunen en er een algemeen diep respect is voor het stamhoofd (ONDOWAFI). Aan de andere kant werkt de Ondowafi samen met andere stamhoofden (KOSELO). Ook moet het stamhoofd er voor zorgen dat er altijd genoeg 'zegen' is (voedsel in de vorm van wild) en ook ander voedsel zoals knollen, vis, etc. Met andere woorden: het in evenwicht houden van de economie in het dorp. Iedere familie in de stam staat het beste deel van zijn jachtopbrengst, visvangst of ander vergaard voedsel af aan het stamhoofd, met het doel dit te gebruiken voor speciale gelegenheden, zoals de traditionele feesten. Het FOUW motief komt uit het Sentanigebied. De spiraal is het culturele herkenningspunt van de Sentani stamgroep. De spiraal refereert aan de kringen die de peddel maakt tijdens het kanovaren. Een dagelijkse bezigheid. FOUW staat symbool voor het Sentani-ideaal: voortdurende verbondenheid en harmonie. Het FOUW motief is altijd de basis van een visnetschildering afgebeeld op een Maro.